Gastmaal (voor 4 personen)
Het gastmaal was vroeger in Drenthe net zo´n begrip als de koffietafel dat nu nog altijd is in Noord Brabant. Om 10 uur werd de visite ontvangen met koffie en ronde roggebroden, de zogenaamde roggebollen, Het brood werd gegeten zonder beleg en het koffiedrinken werd beëindigd met een beschuit. Na de koffie kwam
de borrel op tafel met daarbij koekjes. 's Middags werd er warm gegeten. De hoofdmaaltijd varieerde per streek (onder andere bruine bonen, witte bonen of kapucijners) en als nagerecht werd vaak rijstebrij of gort op tafel gezet. Met koffie met kandij werd de visite afgesloten.
Ingrediënten:
350 gram kapucijners, 300 gram verse worst, 1 eetlepel bloem, 50 gram boter, 1 kilogram aardappelen, zout, 100 gram mager rookspek, 4 dikke plakken ham van ongeveer 75 gram per stuk.
Bereidingswijze:
Was de kapucijners en zet ze een nacht in een pan met ruim water in de week. Kook de volgende dag de kapucijners in het weekwater in1½ uur gaar. Wrijf de verse worst in met wat bloem. Verhit de boter in een
braadpan en braad de worst in 30 minuten rondom bruin en gaar. Schil. was en kook intussen ook de aardappelen met wat zout. Snijd het spek in dobbelsteentjes en laat deze in een koekenpan op lag vuur zachtjes uitbakken. Laat de plakken ham in een pan met water op laag vuur warm
worden. Schep de gekookte en doorgestoomde aardappelen met de uitgelekte kapucijners in een schaal, giet er het spekvet met de spekjes over en leg de ham erop.